Sinds 2015 kan je met de app StreetArt Roma en een ouderwetse plattegrond in de voorsteden en steegjes van Rome ongeveer driehonderd muurschilderingen bezoeken. De kunstwerken zijn verspreid over de honderdvijftig straten van dertien districten en gemaakt door Italiaanse, Romeinse en verschillende buitenlandse kunstenaars.

Omdat mijn blik deze zomer niet verder dan de horizon van de Noordzee reikte, raakte ik enkele weken verdwaald in een zoektocht naar de nog steeds onopgehelderde moord op de dichter Pier Paolo Pasolini op 2 november 1975 op het strand van Ostia nabij Rome. Tijdens deze literaire helletocht maakte ik ter ontspanning en met de hulp van de StreetArt Roma app en google-maps, een uitstap naar het hedendaagse Rome van Pasolini, waar ik enkele prachtige muurschilderingen ontdekte. Picturale odes aan de dichter wiens oeuvre, vierenveertig jaar na zijn dood, blijft inspireren. De onophoudelijke strijd die hij met zijn films, polemieken, toneelstukken en gedichten (ongeveer tweeduizend bladzijden) tegen de politieke corruptie, de massaconsumptie en het neofascisme in de jaren zeventig voerde, zijn in de globale verrechtsing van deze tijd, waar macht en wreedheid steeds nieuwe verbonden sluiten, actueler dan ooit. Zijn bijna tastbare aanwezigheid in de volkswijken waar hij het liefst vertoefde werd een iconisch symbool in de Eeuwige Stad. Een wonderlijke hergeboorte van een van de grootste Italiaanse dichters van de tweede helft van de twintigste eeuw.

 

 

verlato2-1229945506
De Sixtijnse Kapel van Torpignattara © Nicola Verlato

 

In de wijk Torpignattara brengt de kunstenaar Nicola Verlato op de zijmuur van een flatgebouw met een tien meter hoge muurschildering een indrukwekkende ode aan de dichter. De stijl is zeer monumentaal en klassiek. Het werkelijkheidsgehalte is overrompelend. Het meesterwerk – een grisaille in witte en grijze tinten – werd door Verlato oorspronkelijk ‘Hostia’ genoemd. De lokale bevolking doopte het werk al snel om tot ‘De Sixtijnse Kapel van Torpignattara’. Verlato schildert Pasolini’s lichaam op het moment dat hij zijn dood tegemoet gaat. Een mytische beeld, als de val van Icarus. verlato6Bovenaan, aan de rand van een Dantiaanse hellekring, staat de vermeende moordenaar Giuseppe Pelosi met twee journalisten en een politieagent. Onderaan zit een jonge Pasolini op de schoot van zijn aanbeden moeder voor wie hij altijd ‘een dichter’ was.

 

 

torpignattara-street-art-romepasolini-3

 

verlato4-2401268517Omringd door Petrarca, de meester en gids die hem tijdens zijn prille, literaire zoektochten begeleidde en Ezra Pound. Hoewel Pound, Mussolini-aanhanger, antisemiet en collaborateur, een andere politieke overtuiging had dan Pasolini, was hij een van zijn inspiratiebronnen. Ezra Pound werd bij de bevrijding van Italië door de Amerikanen in een kamp in de buurt van Pisa geïnterneerd waar hij ‘The Pisan Cantos’ schreef. Hij zou na zijn vrijlating uit een psychiatrische instelling waar hij twaalf jaar verbleef uiteindelijk naar zijn geliefde Italië terugkeren. Voor hij stierf op 1 november 1972 deed hij alles wat hij gezegd en geschreven als onzin af, bewerend ‘dat hij nooit iemand gelukkig had gemaakt’ en, wijzend op zijn hart, ‘dat hij daar in volstrekte eenzaamheid woonde, midden in de hel’. Ondanks zijn politiek obscuur verleden behoort Canto 81, Pounds’ spirituele testament, tot een van mijn favoriete gedichten, door Pasolini onwerkelijk mooi voorgedragen tijdens een interview in 1967 met de auteur die toen reeds op hoge leeftijd was. 

Met dezelfde kracht waarmee de Pietà van Michelangelo in de Sixtijnse Kapel mij vandaag nog even veel weet te ontroeren als op het eerste ogenblik dat ik haar zag (er stond toen nog geen glazen stolp overheen zodat er geen barrière was tussen de onmiddellijke zintuiglijke en esthetische gewaarwording en de confrontatie met de bijna tastbare schoonheid van het werk) trof mij, de felle aanklacht van De Pietà Secondo. Deze muurschildering van Ernest-Pignon-Ernest werd in verschillende wijken, van Testacio tot Trastevere en het Tiberina eiland, in steeds andere kleuren meermaals gekopieerd (gedupliceerd). Pier Paolo Pasolini draagt zijn eigen dode lichaam. De donkere, zwarte blik richt zich naar de toeschouwer waardoor het lijkt alsof Pasolini uit de de muur naar je toe komt gestapt en tegelijkertijd gevangen blijft in het licht. Het dramatische, realistische effect wordt bereikt door het toepassen van licht-donkereffecten zoals in de schilderijen van Carravagio en Rembrandt, de meesters van het clair-obscur.

 

Pasolini-Pietà-Roma-2015-5-1
Pietà Secondo © Ernest-Pignon-Ernest

 

 

In de wijk Pigneto, die haar naam te danken heeft aan een lange rij pijnbomen, bevinden zich drie muurschilderingen. De werken werden in 2014 in het kader van een herontwikkelingsproject met de naam Light up Torpigna in de Via Fanfulla da Lodi aan Pasolini opgedragen. De wedergeboorte van de buurt wordt in krantenartikelen omschreven als een once-upon-a-time ‘microcosmo perduto’ (verloren microcosmos) waar etnische groepen ‘si strongono la mano’ (handen schudden). Deze plek was zeer geliefd bij Pasolini, hij nam er zijn eerste film Accatone op. De karakterisiteke acteurs vond hij in deze buurt. In de wijk bevindt zich ook de bekende Bar Necci dal 1924, het decor waartegen een deel van de film zich afspeelt.

 

I nomi 2019-08-14 om 11.25.24.jpg

 

De kunstenaar Omino71 schilderde zijn eerbetoon aan Pasolini “Io so i nomi” (2014) (Ik ken de namen) tegen de gevel van een oude carrosserie. Pasolini draagt het masker van een superheld, compromisloos, vechtend tegen het politieke systeem. De titel verwijst naar de openingszin van een beroemd artikel van Pier Paolo Pasolini in Il Corriere della Serra op 14 november 1974, geschreven tijdens de jaren van terrorisme in Italië.

Ik ken ze. Ik ken de namen van de verantwoordelijken achter deze zogenaamde coup – in werkelijkheid een hele reeks coups die gepleegd worden om de macht veilig te stellen.

Ik ken de namen van de verantwoordelijken achter het bloedbad in Milaan van 12 december 1969.

Ik ken de namen van de verantwoordelijken achter de bloedbaden in Brescia en Bologna in de eerste maanden van 1974. Ik ken de namen van de ‘top’ die de oude fascisten, de bedenkers van de coups, de neofascisten die de eerste bloedbaden hebben uitgevoerd, en de ‘onbekende’ materiële daders van de recentste bloedbaden heeft gemanipuleerd….’ Ik ken ze. Maar bewijzen heb ik niet. Ik heb zelfs geen aanwijzingen…’

(De roman van de bloedbaden, uit het Italiaans vertaald door Piet Joostens – Vaarwel en beste wensen Pasolini Poëzie en Polemieken.)

 

 

Omino-71-Io-so-i-nomi-2014-via-Fanfulla-da-Lodi-Roma-photo-Giorgio-Benni-480x320
Via Fanfulla da Lodi, Roma – Foto: Giorgio Benni

 

 

Een paar meter verder kijkt Pasolini’s oog in zwart en wit over Pigneto. Het is een werk van Mauro Pallotta of ‘Maupal’ (2014), getiteld ‘L’occhio è l’unico che può accorgersi della bellezza’ (Het oog is het enige dat schoonheid kan zien), uit Lo Sguardo. Een uitspraak van Pasolini over het gevoel van een levende schoonheid en het mysterie van het kijken. Het is een oog dat alles ziet, een alziend, wakend, waakzaam oog. Palllota schilderde het werk in één dag, met enkel zwarte verf en vuil water.

 

-l’unico-che-può-accorgersi-della-bellezza-2014-via-Fanfulla-da-Lodi-Roma-photo-Giorgio-Benni-480x320-1
Via Fanfulla da Lodi, Roma – Foto: Giorgio Benni

 

 

 

Punta del mescoAan de overkant van de straat schilderde de kunstenaar Mr. Klevra, ‘Piccola Maria’ geïnspireerd door Pasolini’s film ‘Il vangelo secondo Matteo’ (Het evangelie volgens Mattheus, 1964). Het portret is van Margherita Caruso, de actrice die de rol van een jonge Maagd Maria speelde in de film. De tragisch, open blik en de bezwerende, vreemde tekens achter haar in een gouden aureool, magnetiseren de ruimte. De vermiljoenrode sluier geeft het realistisch geschilderd gezicht een Byzantijnse uitstraling. Het mystieke vloeit over in een symbolische weergave van de realiteit. Het beeld refereert mijn inziens aan een uitspraak van Pasolini over zijn cinematografisch werk: ‘Wat ik in mijn hoofd heb als visueel veld zijn de fresco’s van Masaccio, Giotto en Piero Della Francesca, de schilders van wie ik naast bepaalde maniëristen zoals Pontormo het meest houd. Ik ben niet in staat beelden, landschappen of figurencomposities te creëren in welke vorm dan ook zonder mijn passie voor de schilderkunst van de 14de eeuw erbij te betrekken, die de mens als middelpunt heeft.’

 

Piccola Maria – Foto: Giorgio Benni

 

 

(Wordt vervolgd)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s